• FR
  • NL
  • EN

De inflatie gaat van 2,06% naar 1,10% in januari.

Consumptieprijsindex van januari 2026


  • De consumptieprijsindex steeg deze maand met 0,44 punt of met 0,44%.
  • De inflatie op basis van de gezondheidsindex daalt van 2,21% in december naar 1,37% in januari.
  • De afgevlakte gezondheidsindex bedraagt in januari 98,73 punten.
  • De kerninflatie, die geen rekening houdt met de prijsevolutie van de energieproducten en de onbewerkte voedingsmiddelen, bedraagt 2,54% in januari, tegenover 3,00% in december.
  • De belangrijkste prijsstijgingen in januari hadden betrekking op geneesmiddelen, vakantiedorpen, telecombundels, alcoholische dranken, huishoudelijke diensten, groenten en alcoholvrije dranken. Vliegtuigtickets, motorbrandstoffen en hotelkamers hadden daarentegen een verlagend effect op de index.

De inflatie bedraagt nu 1,10%, tegenover 2,06% in december en 2,40% in november. De inflatie op basis van de gezondheidsindex bedraagt deze maand 1,37% tegenover 2,21% in december en 2,45% in november. Het inflatiecijfer zonder energieproducten bedraagt in januari 2,44% tegenover 2,98% de vorige maand en 3,05% in november. De kerninflatie, die geen rekening houdt met de prijsevolutie van de energieproducten en de onbewerkte voedingsmiddelen, bedraagt 2,54% in januari, tegenover 3,00% in december en 3,10% in november.


Toelichting over de inflatie

Wat energie betreft, bedraagt de inflatie deze maand -9,24% tegenover -5,00% in december en -2,22% in november. Voor elektriciteit bedraagt de inflatie momenteel -4,3% tegenover 3,2% vorige maand. Voor aardgas gaat de inflatie van -13,6% vorige maand naar -15,6% deze maand. De prijs van aardgas stijgt ten opzichte van vorige maand met 0,34% en die van elektriciteit stijgt met 0,93%. De prijs van huisbrandolie is, afgevlakt over 12 maanden, met -9,28% gedaald in één jaar tijd. De motorbrandstoffen werden 7,02% goedkoper dan in januari vorig jaar en zijn deze maand 3,60% gedaald ten opzichte van vorige maand.

De inflatie voor diensten gaat van 4,54% naar 4,32%. De inflatie voor de huur daalt van 3,91% vorige maand naar 3,55% deze maand. De inflatie van voedingsmiddelen (inclusief alcoholische dranken) bedraagt deze maand 0,44% tegenover 2,65% vorige maand.

De inflatie van energie gaat van -5,00% in december tot -9,24% in januari en draagt -1,06 procentpunt bij aan de totale inflatie. Voedingsmiddelen, met een inflatie van 0,44%, leveren een bijdrage van 0,09 procentpunt.


De prijs voor aardgas steeg in januari met 0,34% ten opzichte van de voorgaande maand. De prijs van elektriciteit is deze maand gemiddeld met 0,93% gestegen.


Enkele producten en diensten die ten opzichte van januari vorig jaar sterk in prijs stegen, zijn:

Stijgend:
Inflatie
Geneesmiddelen en vaccins
16,9%
Vakantiedorpen en campings
16%
Busvervoer
13,9%
Mobiele telefoondiensten
13,6%
Vliegtuigtickets
13,3%
Het bijwonen van sportieve en recreatieve evenementen
12,8%
Bereidingen van schaal- en schelpdieren
12,4%
Runds- en kalfsvlees
11,9%

Enkele producten en diensten die ten opzichte van januari vorig jaar sterk in prijs zijn gedaald, zijn:

Dalend:
Inflatie
Smartphones
-17,8%
Aardgas
-15,6%
Computers, laptops en tablets
-14,3%
Verse bessen
-13,1%
Video- en audioapparatuur (televisie, speaker, hoofdtelefoon, …)
-12,7%
Niet-dierlijke melk
-12,1%
Pastaproducten
-11,2%
Powerbanks
-10.3%

De hoofdgroep die in januari de grootste positieve impact[1] heeft op de inflatie is “Hotels, restaurants en cafés” met 0,38 procentpunt. De groep “Huisvesting, water en energie” had de grootste negatieve impact met -0,79 procentpunt.


De hoofdgroep met de grootste bijdrage[2] tot de inflatie in januari is “Hotels, restaurants en cafés” met 0,46 procentpunt. De groep “Huisvesting, water en energie” leverde een negatieve bijdrage met -0,43 procentpunt.


Toelichting over de indexniveaus


De consumptieprijsindex is in januari met 0,44 punt of 0,44% gestegen tot 101,17 punten, tegenover 100,73 punten in december (2025 = 100). De gezondheidsindex stijgt in januari met 0,51 punt tot 101,33 punten tegenover 100,82 punten in december. De afgevlakte gezondheidsindex bedraagt in januari 98,73 punten. De volgende spilindex voor het openbaar ambt en de sociale uitkeringen is vastgelegd op 100,28 punten.

De belangrijkste prijsstijgingen in januari hadden betrekking op geneesmiddelen, vakantiedorpen, telecom bundels, alcoholische dranken, huishoudelijke diensten, groenten en alcoholvrije dranken. Vliegtuigtickets, motorbrandstoffen en hotelkamers hadden daarentegen een verlagend effect op het indexcijfer.

De belangrijkste schommelingen deze maand waren:

Stijgend:
Invloed:
Dalend:
Invloed:
Geneesmiddelen
0,255 punt
Vliegtuigtickets
-0,125 punt
Vakantiedorpen
0,060 punt
Motorbrandstoffen
-0,100 punt
Telecombundels
0,055 punt
Hotelkamers
-0,070 punt
Alcoholische dranken
0,055 punt


Huishoudelijke diensten
0,045 punt


Groenten
0,045 punt


Alcoholvrije dranken
0,045 punt


Geneesmiddelen werden in januari gemiddeld 16,5% duurder. De prijs van vakantiedorpen steeg met gemiddeld 7,4% in januari. De prijs van telecombundels is eveneens gestegen, en dat met gemiddeld 2,1%. Alcoholische dranken zijn gemiddeld met 3,4% gestegen. Huishoudelijke diensten werden in januari gemiddeld 3,3% duurder. De prijs van groenten is eveneens met gemiddeld 2,3% gestegen. De prijs van alcoholvrije dranken is in januari met gemiddeld 2,7% gestegen.

Vliegtuigtickets daalden gemiddeld 18% in prijs. De prijs van motorbrandstoffen daalde deze maand met gemiddeld 3,6%. Hotelkamers daalden eveneens, en dat met gemiddeld 8,2%.

2025 = 100
oktober
november
december
januari
Consumptieprijsindex
100,10
100,67
100,73
101,17
Inflatie
2%
2,4%
2,06%
1,1%
Gezondheidsindex
100,14
100,68
100,82
101,33
Afgevlakte gezondheidsindex*
98.00
98,16
98,35
98,73
* bepaald in de wet van 23.04.2015 tot verbetering van de werkgelegenheid (Belgisch Staatsblad van 27.04.2015)

[1] De impact op de inflatie toont de wijziging van de inflatie door het opnemen van die productgroep in de berekening van de CPI. De impact houdt niet alleen rekening met het gewicht van de productgroep, maar ook met het feit of de inflatie van de productgroep hoger of lager is dan deze van het geheel aan bestedingen (globale CPI).

[2] De bijdrage tot de inflatie van een bepaalde productgroep geeft weer hoeveel van de verandering van de totale bestedingen te wijten is aan de prijsverandering van deze productgroep.


Goed om weten

Vanaf nu wordt het nieuwe basisjaar (2025 = 100) en de nieuwe classificatie van de consumptieprijsindex (CPI) en de geharmoniseerde consumptieprijsindex (HICP) gehanteerd. Het rapport ‘Wijzigingen van de consumptieprijsindex in 2026(This hyperlink opens a new window)’ gaat dieper in op deze veranderingen:

De bestanden op de website werden aangepast naar de nieuwe nomenclatuur en basisjaar. Toepassingen met de CPI als basis, zoals Be.stat, Index Search, de huurcalculator, open data, enzoverder, zullen up-to-date zijn vanaf donderdag 5 februari 2026.

Hoe wordt de consumptieprijsindex berekend? Wat is inflatie? En hoe houden we de prijzen van al die producten in de gaten? In deze video(This hyperlink opens a new window) leggen we het klaar en duidelijk uit.

Zoals eerder aangekondigd, gaan vanaf deze maand enkele wijzigingen van kracht bij de berekening van de consumptieprijsindex (CPI) en de geharmoniseerde consumptieprijsindex (HICP). Zo wordt het referentiejaar van de CPI en de HICP gewijzigd naar 2025 = 100, wat geen impact heeft op de inflatiemeting. Daarnaast zal de indeling van goederen en diensten veranderen met de overgang naar ECOICOP versie 2, om nieuwe consumptiegewoonten beter weer te geven. Deze wijziging hebben geen invloed op de totaalcijfers van de indexen, noch op de inflatie. Voor meer informatie, kan u de analyse omtrent deze veranderingen raadplegen op de Statbel-website.

Mots clés

Articles recommandés

Geen topland in internationale ranglijsten

Alarmsignalen uit de chemie

Gemiddelde brandstofprijzen in 2025 (inclusief btw)