• FR
  • NL
  • EN

Inbreukenpakket voor januari: beslissingen mbt Belgie

Het periodieke pakket inbreukbeslissingen betreft de gerechtelijke stappen van de Europese Commissie tegen EU-landen die hun verplichtingen uit hoofde van het EU-recht niet zijn nagekomen. De beslissingen betreffen diverse EU-beleidsterreinen en moeten ervoor zorgen dat het EU-recht juist wordt toegepast. Daar hebben zowel burgers als bedrijven baat bij. De voornaamste beslissingen van de Commissie worden hieronder weergegeven, gegroepeerd per beleidsterrein. De Commissie sluit ook 72 zaken waarin de problemen met de betrokken EU-landen zijn opgelost. In die zaken hoeft de Commissie de inbreukprocedure dus niet voort te zetten.

Tegelijk onderneemt de Commissie ook actie tegen diverse EU-landen die geen kennis hebben gegeven van maatregelen die ze hebben genomen om EU-richtlijnen in hun nationale recht om te zetten. De termijn voor het omzetten van tien richtlijnen is onlangs verstreken. De Commissie zendt deze EU-landen een aanmaningsbrief en geeft hun twee maanden de tijd om te antwoorden en de omzetting van de richtlijnen af te ronden. Doen ze dat niet, dan kan de Commissie een volgende stap zetten en een met redenen omkleed advies uitbrengen. De Commissie dringt bij deze landen aan om onmiddellijk actie te ondernemen om hun wetgeving in overeenstemming te brengen met EU-vereisten.

Deze interactieve kaarten en aanpasbare grafieken tonen de stand van zaken van de handhaving door de Commissie en de naleving van het EU-recht door de EU-landen. U kunt het register van inbreukbeslissingen raadplegen voor meer informatie over de geschiedenis van een zaak of om toegang te krijgen tot de volledige databank van inbreukbeslissingen. Zie ook de vragen en antwoorden voor meer informatie over de EU-inbreukprocedure.


Milieu

(Meer informatie:Anna-Kaisa Itkonen – tel.: +32 2 295 75 01; Maëlys Dreux – tel.: +32 2 295 46 73)

Commissie verzoekt België nodige stappen te zetten voor bescherming en herstel van zijn Natura 2000-gebieden
De Europese Commissie heeft vandaag besloten een met redenen omkleed advies te sturen aan België (INFR(2015)2007) omdat het land habitats en soorten van EU-belang niet beschermt. In de habitatrichtlijn (Richtlijn 92/43/EEG) en de vogelrichtlijn (Richtlijn 2009/147/EG) is een van de sleutelvereisten dat EU-landen zijn overeengekomen een coherent Natura 2000-netwerk uit te bouwen door aan de Commissie geschikte gebieden van communautair belang voor te stellen. Nadat een gebied door de Commissie is goedgekeurd, heeft het EU-land zes jaar de tijd om het als speciale beschermingszone aan te wijzen en de nodige instandhoudingsdoelstellingen en -maatregelen vast te stellen, die zouden moeten helpen om de beschermde soorten en habitats te behouden of terug in een gunstige staat van instandhouding te brengen. Op 27 maart 2015 heeft de Commissie België een aanmaningsbrief gestuurd omdat België diverse gebieden in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en in het Waals Gewest niet had aangewezen als speciale beschermingszone, net zomin als twee mariene gebieden die onder federale verantwoordelijkheid vallen. De Commissie moest ook constateren dat België voor die gebieden geen gebiedsspecifieke instandhoudingsdoelstellingen heeft vastgesteld. Sindsdien heeft België aanzienlijke vooruitgang geboekt door alle betrokken gebieden als speciale beschermingszone aan te wijzen, algemene instandhoudingsdoelstellingen vast te leggen en een aantal van de vereiste maatregelen te nemen. Hoewel het Waals Gewest instandhoudingsdoelstellingen en maatregelen om verslechtering te voorkomen heeft vastgesteld, heeft het tot dusver voor deze gebieden nog geen specifieke doelstellingen en maatregelen vastgesteld om soorten en habitats te herstellen. Wat de twee Belgische mariene speciale beschermingszones betreft (Vlaamse Banken en Vlakte van de Raan), zijn er nog steeds geen instandhoudingsmaatregelen genomen met betrekking tot visserij, en met name bodemtrawlvisserij. Daarom heeft de Commissie besloten België een met redenen omkleed advies te sturen. Het land heeft nu twee maanden de tijd om te reageren en de nodige maatregelen te nemen. Anders kan de Commissie beslissen de zaak bij het EU-Hof van Justitie aanhangig te maken.

Justitie

(Meer informatie:Markus Lammert – tel.: +32 2 296 75 33; Yuliya Matsyk – tel.: +32 2 296 27 16)

(Meer informatie over gelijkheid: Eva Hrncirov – tel.: +32 2 298 84 33; Ana Gray – tel.: +32 2 298 08 73)

Commissie verzoekt EU-landen richtlijn op afstand gesloten overeenkomsten inzake financiële diensten volledig om te zetten

De Europese Commissie heeft besloten inbreukprocedures in te leiden door een aanmaningsbrief te sturen aan 21 EU-landen (België, Bulgarije, Tsjechië, Duitsland, Estland, Griekenland, Spanje, Kroatië, Ierland, Cyprus, Letland, Luxemburg, Malta, Nederland, Oostenrijk, Polen, Portugal, Roemenië, Slovenië, Finland en Zweden) omdat zij geen volledige omzetting van de richtlijn op afstand gesloten overeenkomsten inzake financiële diensten (Richtlijn (EU) 2023/2673) hebben meegedeeld. De richtlijn stelt regels vast die het niveau van consumentenbescherming moeten verhogen voor financiële diensten die op afstand – zoals telefonisch of online worden verkocht –, met name door een “herroepingsknop” in te voeren waarmee consumenten met één klik een contract kunnen herroepen. EU-landen hadden tot 19 december 2025 de tijd om de richtlijn in nationale wetgeving om te zetten. Momenteel hebben de 21 betrokken EU-landen de Commissie nog niet meegedeeld dat ze de richtlijn volledig hebben omgezet. Daarom stuurt de Commissie aanmaningsbrieven aan de 21 betrokken EU-landen. Deze hebben nu twee maanden de tijd om te antwoorden en de Commissie kennis te geven van hun maatregelen voor een volledige omzetting. Komt er geen bevredigend antwoord, dan kan de Commissie besluiten een met redenen omkleed advies te sturen.

Commissie verzoekt EU-landen om richtlijn kredietovereenkomsten voor consumenten volledig om te zetten

De Europese Commissie heeft besloten inbreukprocedures in te leiden door een aanmaningsbrief te sturen aan 23 EU-landen (België, Bulgarije, Tsjechië, Duitsland, Estland, Griekenland, Spanje, Frankrijk, Kroatië, Ierland, Cyprus, Litouwen, Luxemburg, Letland, Malta, Nederland, Oostenrijk, Polen, Portugal, Roemenië, Slovenië, Finland en Zweden) omdat zij geen volledige omzetting van de richtlijn kredietovereenkomsten voor consumenten (Richtlijn (EU) 2023/2225) hebben meegedeeld. Deze richtlijn wil de consumentenbescherming op de kredietmarkt versterken door te zorgen voor transparante en eerlijke krediettransacties in alle EU-landen. EU-landen hadden tot 20 november 2025 de tijd om de richtlijn in nationale wetgeving om te zetten. Momenteel hebben de 23 betrokken EU-landen de Commissie nog niet meegedeeld dat ze de richtlijn volledig hebben omgezet. Daarom stuurt de Commissie aanmaningsbrieven aan de betrokken EU-landen. Deze hebben nu twee maanden de tijd om te antwoorden en de Commissie kennis te geven van hun maatregelen voor een volledige omzetting. Komt er geen bevredigend antwoord, dan kan de Commissie besluiten een met redenen omkleed advies te sturen.

Commissie verzoekt België, Tsjechië, Frankrijk, Cyprus, Letland, Nederland, Slovenië, Finland en Zweden toegankelijkheidsvoorschriften voor producten en diensten na te komen

De Europese Commissie heeft vandaag beslist om met redenen omklede adviezen te sturen aan België (INFR(2022)0287), Tsjechië (INFR(2022)0293), Frankrijk (INFR(2022)0305), Letland (INFR(2022)0313) en Finland (INFR(2022)0303) voor de onvolledige omzetting van de Europese richtlijn toegankelijkheidsvoorschriften voor producten en diensten in de EU (Richtlijn (EU) 2019/882). Daarnaast heeft de Europese Commissie besloten om aanvullende met redenen omklede adviezen te sturen

aan Cyprus (INFR(2022)0291), Nederland (INFR(2022)0315), Slovenië (INFR(2022)0324) en Zweden (INFR(2022)0322). De Europese toegankelijkheidsrichtlijn is in 2019 vastgesteld. Zij eist dat wanneer essentiële producten en diensten op de markt worden gebracht, deze toegankelijk zijn voor mensen met een beperking. Daarbij gaat het onder meer om telefoons, computers, e-books, bankdiensten en elektronische communicatie. De richtlijn moet voor mensen met een beperking – die met meer dan 100 miljoen zijn in de EU – de actieve participatie in de samenleving, onder meer in het onderwijs en op het werk, vergroten en hun meer autonomie en mobiliteitskansen geven. De uiterste datum voor de omzetting van de richtlijn door EU-landen was 28 juni 2022 en marktdeelnemers moesten ervoor zorgen dat ze uiterlijk 28 juni 2025 voldeden aan de in de richtlijn vastgestelde gemeenschappelijke EU-toegankelijkheidsvereisten. De Commissie had in 2022 al aanmaningsbrieven aan deze EU-landen gezonden omdat ze geen volledige omzettingsmaatregelen hadden meegedeeld. Ook al hebben deze EU-landen sindsdien meer omzettingsmaatregelen meegedeeld en hebben ze enige vooruitgang geboekt, toch is de Commissie van mening dat de omzetting nog steeds een aantal lacunes vertoont. Deze lacunes zijn aanzienlijk en verschillen van land tot land. Een aantal terugkerende lacunes betreffen bepalingen over toegankelijkheidseisen bij het beantwoorden van noodoproepen, maar ook het toepassingsgebied, de definities en de handhavingsbepalingen. Daarom heeft de Commissie besloten een met redenen omkleed advies te sturen aan de landen die een aanmaningsbief hadden ontvangen. Landen waaraan al een met redenen omkleed advies was gestuurd, ontvangen een aanvullend met redenen omkleed advies. Deze landen hebben nu twee maanden de tijd om te reageren en de nodige maatregelen te nemen. Anders kan de Commissie beslissen de zaken aanhangig te maken bij het EU-Hof van Justitie, met een verzoek financiële sancties op te leggen.

Energie en klimaat

Commissie roept EU-landen op om zich uit het Verdrag inzake het Energiehandvest terug te trekken

De Europese Commissie heeft vandaag besloten aanmaningsbrieven te sturen aan 16 EU-landen die nog steeds verdragsluitende partij zijn bij het Verdrag inzake het Energiehandvest nadat de Europese Unie en Euratom zich op 28 juni 2025 uit dat verdrag hadden teruggetrokken. De EU-landen in kwestie zijn: België (INFR(2026)2222), Bulgarije (INFR(2026)2223), Tsjechië (INFR(2025)2225), Estland (INFR(2025)2226), Ierland (INFR(2025)2231), Griekenland (INFR(2025)2227), Kroatië (INFR(2025)2229), Cyprus (INFR(2025)2224), Letland (INFR(2025)2232), Hongarije (INFR(2025)2230), Malta (INFR(2025)2233), Oostenrijk (INFR(2025)2221), Roemenië (INFR(2025)2234), Slowakije (INFR(2025)2236), Finland (INFR(2025)2228) en Zweden (INFR(2025)2235). Het Verdrag inzake het Energiehandvest beregelt in de energiesector de handels- en investeringsrelaties tussen de verdragsluitende partijen. Volgens de EU-Verdragen zijn handel en investeringen exclusieve bevoegdheden van de Europese Unie en mogen EU-landen deze bevoegdheid alleen uitoefenen indien ze door de Unie daartoe gemachtigd worden. Na de terugtrekking van de Unie en Euratom uit het Verdrag inzake het Energiehandvest hebben de betrokken EU-landen niet deze machtiging gekregen. Evenmin hebben zij stappen gezet om zich uit dat verdrag terug te trekken. De Commissie roept de betrokken EU-landen nu op om zich zonder verder uitstel uit dat verdrag terug te trekken. Deze EU-landen hebben nu twee maanden de tijd om op de aanmaningsbrief te antwoorden. Komt er geen bevredigend antwoord, dan kan de Commissie besluiten een met redenen omkleed advies te sturen.

Belastingen

(Meer informatie: Olof Gill – tel.: +32 2 296 59 66, Paula Clara Ritter-Moschütz – tel.: +32 2 296 40 83)

Commissie verzoekt EU-landen de nieuwe regels inzake fiscale transparantie en informatie-uitwisseling voor cryptoactiva volledig uit te voeren

De Europese Commissie heeft besloten inbreukprocedures in te leiden door een aanmaningsbrief te sturen aan twaalf EU-landen (België, Bulgarije, Tsjechië, Estland, Griekenland, Spanje, Cyprus, Luxemburg, Malta, Nederland, Polen en Portugal) omdat ze Richtlijn (EU) 2023/2226 niet volledig hebben omgezet. Deze richtlijn wijzigt de richtlijn administratieve samenwerking op gebied van belastingen (Richtlijn 2011/16/EU) om fiscale transparantie en informatie-uitwisseling voor cryptoactiva mogelijk te maken en om de informatie-uitwisseling over financiële rekeningen te verbeteren. Om de fiscale transparantie te vergroten en belastingontwijking en -ontduiking voor beleggingsinkomsten te bestrijden, is het van cruciaal belang dat alle EU-landen de regels van de richtlijn tijdig en volledig omzetten. Daarom zendt de Commissie een aanmaningsbrief aan België, Bulgarije, Tsjechië, Estland, Griekenland, Spanje, Cyprus, Luxemburg, Malta, Nederland, Polen en Portugal. Deze landen hebben nu twee maanden de tijd om te antwoorden, hun omzetting te voltooien en de Commissie daarvan kennis te geven. Komt er geen bevredigend antwoord, dan kan de Commissie besluiten een met redenen omkleed advies te sturen.

Commissie verzoekt EU-landen nieuwe regels voor informatie-uitwisseling inzake administratieve samenwerking op belastinggebied volledig te implementeren

De Europese Commissie heeft besloten inbreukprocedures in te leiden door een aanmaningsbrief te sturen aan tien EU-landen (België, Bulgarije, Tsjechië, Griekenland, Cyprus, Malta, Nederland, Portugal, Roemenië en Zweden) omdat ze Richtlijn (EU) 2025/872, die de richtlijn administratieve samenwerking op gebied van belastingen (Richtlijn 2011/16/EU) wijzigt, niet volledig hebben omgezet. Deze richtlijn verplicht EU-landen de nieuwe regels voor informatie-uitwisseling inzake administratieve samenwerking op belastinggebied volledig te implementeren. Daarom zendt de Commissie een aanmaningsbrief aan België, Bulgarije, Tsjechië, Griekenland, Cyprus, Malta, Nederland, Portugal, Roemenië en Zweden. Deze landen hebben nu twee maanden de tijd om te antwoorden, hun omzetting te voltooien en de Commissie daarvan kennis te geven. Komt er geen bevredigend antwoord, dan kan de Commissie besluiten een met redenen omkleed advies te sturen.

Commissie verzoekt België systeem voor tijdelijke opslag voor luchtvervoer (TS Air) uit douanewetboek van de Unie volledig te implementeren

De Europese Commissie heeft vandaag besloten een met redenen omkleed advies te sturen aan België (INFR(2025)2016) omdat het land het systeem voor tijdelijke opslag voor luchtvervoer (TS Air) niet volledig implementeert, zoals vereist door het douanewetboek van de Unie (DWU), Verordening (EU) nr. 952/2013, gelezen in samenhang met artikel 2, lid 2, van Uitvoeringsbesluit (EU) 2023/2879 van de Commissie en punt II.13 van de bijlage bij dat besluit. Dit systeem is een sleutelonderdeel van het digitale douanekader van het DWU. EU-landen moesten dat systeem uiterlijk 31 december 2023 volledig operationeel hebben. Ondanks een eerdere aanmaningsbrief heeft België dit systeem nog niet uitgerold en heeft het evenmin een geloofwaardig implementatieplan verstrekt. Daarom heeft de Commissie besloten België een met redenen omkleed advies te sturen. Het land heeft nu twee maanden de tijd om te reageren en de nodige maatregelen te nemen. Anders kan de Commissie beslissen de zaak bij het EU-Hof van Justitie aanhangig te maken.

Mobiliteit en vervoer

(Meer informatie:Anna-Kaisa Itkonen – tel.: +32 2 295 75 01; Annie Juusola – tel.: +32 2 296 09 86)

Commissie verzoekt EU-landen gewijzigde richtlijn intelligente vervoerssystemen om te zetten

De Europese Commissie heeft besloten inbreukprocedures in te leiden door aanmaningsbrieven te sturen aan België, Tsjechië, Duitsland, Estland, Ierland, Griekenland, Spanje, Frankrijk, Kroatië, Italië, Cyprus, Letland, Litouwen, Luxemburg, Malta, Oostenrijk, Polen, Portugal, Slovenië en Finland omdat ze Richtlijn (EU) 2023/2661, tot wijziging van Richtlijn (EU) 2010/40/EU inzake intelligent vervoerssystemen (ITS), niet volledig hebben omgezet. De gewijzigde richtlijn wil een antwoord bieden voor de opkomst van nieuwe opties voor wegmobiliteit, zoals mobiliteitsapps en verbonden en geautomatiseerde mobiliteit. Diverse nieuwe verplichtingen zijn ingevoerd wat betreft coöperatieve intelligente vervoerssystemen (C-ITS), voorlopige maatregelen in noodsituaties, verplichte samenwerking tussen EU-landen en stakeholders, de beschikbaarheid van data en de uitrol van diensten, en de vereenvoudiging van rapportage voor zowel de richtlijn als de delegeerde handelingen daarvan, met inbegrip van het vaststellen van een gemeenschappelijke template en gemeenschappelijke kritische prestatie-indicatoren (KPI's). Twee bijlagen zijn toegevoegd, met daarin lijsten van datasets en van diensten die van cruciaal belang worden geacht voor de uitrol van ITS. Ook werd de rol van nationale toegangspunten bij het toegankelijk maken van data erkend. Momenteel hebben de twintig genoemde EU-landen niet gemeld dat de omzetting van de gewijzigde ITS-richtlijn voltooid was tegen de wettelijke termijn van 21 december 2025. Daarom stuurt de Commissie deze landen aanmaningsbrieven. Ze hebben nu twee maanden de tijd om te antwoorden, hun omzetting te voltooien en de Commissie daarvan kennis te geven. Komt er geen bevredigend antwoord, dan kan de Commissie besluiten een met redenen omkleed advies te sturen.

Economische en financiële zaken

Commissie verzoekt EU-landen voorschriften vereisten voor nationale begrotingskaders volledig om te zetten

De Europese Commissie heeft besloten inbreukprocedures in te leiden door een aanmaningsbrief te sturen aan Oostenrijk, België, Bulgarije, Kroatië, Cyprus, Tsjechië, Finland, Frankrijk, Ierland, Letland, Luxemburg, Malta, Portugal, Roemenië en Slovenië omdat ze Richtlijn (EU) 2024/1265 niet volledig hebben omgezet. Deze richtlijn wijzigde de richtlijn betreffende voorschriften voor de begrotingskaders van de EU-landen (Richtlijn 2011/85/EU) om de naleving te verzekeren van de verplichtingen uit hoofde van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op het gebied van het begrotingsbeleid, met name wat betreft het vermijden van buitensporige overheidstekorten. Voortbouwend op het bewijs van de uitvoering van Richtlijn 2011/85/EU gaat het in de wijzigingsrichtlijn om transparantie, statistieken, statistische gegevens, prognoses en budgettering op middellange termijn om tekortkomingen aan te pakken die tijdens de vorige uitvoering aan het licht zijn gekomen. De richtlijn verplicht EU-landen om systemen voor overheidsboekhouding in te voeren die voor het Europees systeem van nationale en regionale rekeningen benodigde gegevens op transactiebasis genereren. Ook verplicht zij EU-landen alle relevante begrotingsgegevens openbaar te maken, onafhankelijke begrotingsinstellingen op te richten en in de jaarlijkse en meerjarige begrotingsplannen zoveel mogelijk rekening houden met de macrobudgettaire gevolgen van klimaatverandering. Volledige uitvoering draagt bij tot sterkere nationale begrotingskaders, meer transparantie en nationaal draagvlak. EU-landen had tot 31 december 2025 de tijd om Richtlijn (EU) 2024/1265 in nationaal recht om te zetten. Daarom stuurt de Commissie aanmaningsbrieven aan deze vijftien EU-landen. Deze hebben nu twee maanden de tijd om te antwoorden, de volledige omzetting te voltooien en de Commissie kennis te geven van hun maatregelen. Komt er geen bevredigend antwoord, dan kan de Commissie besluiten een met redenen omkleed advies te sturen.

Landbouw en plattelandsontwikkeling

Commissie verzoekt EU-landen regels bij te werken over samenstelling, etikettering en benaming van honing, vruchtensappen, vruchtenjam en gedehydrateerde melk

De Europese Commissie heeft besloten inbreukprocedures in te leiden door een aanmaningsbrief te sturen aan elf EU-landen (België, Tsjechië, Ierland, Frankrijk, Cyprus, Luxemburg, Malta, Oostenrijk, Polen, Slovenië en Slowakije ) omdat ze Richtlijn (EU) 2024/1438 niet volledig hebben omgezet. Deze richtlijn wijzigde de zogenaamde “ontbijtrichtlijnen”, die gemeenschappelijke regels vastleggen voor de samenstelling, verkoopbenamingen, etikettering en presentatie van honing (Richtlijn 2001/110/EG), vruchtensappen (Richtlijn 2001/112/EG), jam of confituur, gelei, marmelade en kastanjepasta (Richtlijn 2001/113/EG) en gedehydrateerde melk (Richtlijn 2001/114/EG). Deze regels moeten het vrije verkeer van die producten binnen de interne markt waarborgen en consumenten helpen geïnformeerde keuzes te maken. Deze richtlijn verplicht EU-landen onder meer de regels inzake verplichte oorsprongsetikettering voor honing te wijzigen, extra categorieën vruchtensappen (vruchtensappen met verlaagd suikergehalte) in te voeren en toe te staan dat het etiket “vruchtensap met alleen natuurlijke suikers” vermeldt. Ook voorzien zij in de mogelijkheid om het verplichte fruitgehalte in jam (confituur) te verhogen, de term “marmelade” als synoniem van “jam (confituur)” toe te staan en de etikettering van gedehydrateerde melk te moderniseren. De volledige uitvoering van de regels inzake de samenstelling en etikettering van sommige ontbijtproducten waarborgt het vrije verkeer daarvan binnen de interne markt en helpt consumenten geïnformeerde keuzes te maken. EU-landen had tot 14 december 2025 de tijd om Richtlijn (EU) 2024/1438 in nationaal recht om te zetten. Daar waar Tsjechië, Ierland en Polen hebben verklaard dat hun wetgeving de richtlijn slechts gedeeltelijk omzet, hebben de andere genoemde EU-landen geen omzettingsmaatregelen meegedeeld. Daarom stuurt de Commissie aanmaningsbrieven aan de EU-landen die de richtlijn niet of slechts gedeeltelijk hebben omgezet. Ze hebben nu twee maanden de tijd om te antwoorden, hun omzetting te voltooien en de Commissie daarvan kennis te geven. Komt er geen bevredigend antwoord, dan kan de Commissie besluiten een met redenen omkleed advies te sturen.

Mots clés

Articles recommandés

Meer dan 1 op 2 Belgen woont op minder dan 200m van een halte van het openbaar vervoer

Matige groei en aanhoudend tekort: België blijft worstelen met zijn overheidsfinanciën

Een slechte fiscale en sociale wind waait over België.