

- de informatie in het CAP, het centraal aanspreekpunt van rekeningen en financiële contracten, vertoont enkele tekortkomingen;
- bankonderzoeken worden bemoeilijkt door strikte, soms omslachtige procedureregels en praktische beperkingen.
- CAP
Het Rekenhof stelt in zijn audit vast dat de CAP-databank niet volledig is en dat de juistheid van de gegevens moeilijk te verifiëren valt. In het bijzonder voor buitenlandse rekeningen is die volledigheid niet gegarandeerd, aangezien de belastingplichtigen ze zelf moeten melden.Ook nieuwe ontwikkelingen, zoals neobanken, virtuele IBAN’s en cryptorekeningen, brengen uitdagingen met zich mee, onder meer voor de identificatie van rekeninghouders.
Het Rekenhof wijst erop dat er geen systematische controle bestaat op de volledigheid van het CAP. Daarom beveelt het aan de controleopdracht van de Algemene Administratie vande Thesaurie te versterken.Sinds de wet van 18 december 2025 zijn risicoanalyses via datamining op de CAP-databank wettelijk toegestaan. Het Rekenhof beveelt aan te onderzoeken of bijkomende gegevens kunnen worden opgenomen in het CAP, zoals het aantal verrichtingen of grote fluctuaties.Ook na een dergelijke uitbreiding zou het CAP geen informatie over individuele verrichtingen bevatten.
Het Rekenhof stelt vast dat de procedureregels voor bankonderzoeken en CAP-raadplegingen niet op elkaar zijn afgestemd. Het vond daarnaast geen reden voor de verschillende procedureregels voor de inkomstenbelastingen of de btw. In de praktijk worden beide belastingen vaak samen onderzocht, wat tot rechtsonzekerheid leidt.
Om het risico op procedurefouten te beperken, passen controleurs doorgaans de strengste procedure toe of combineren ze de regels van beide belastingen. In ongeveer 10 % van de onderzochte dossiers stelde het Rekenhof procedurefouten vast. Dat bevestigt volgens het Rekenhof de noodzaak om de procedureregels te vereenvoudigen.
Doordat een uniform gegevensformaat ontbreekt leveren banken hun informatie in uiteenlopende formaten aan, wat de verwerking door de administratie bemoeilijkt. Het Rekenhof pleit daarom voor de invoering van een gemeenschappelijk standaardformaat.De e-auditcellen van de AABBI zetten omvangrijke aangeleverde bankgegevens om in “bankaudit files” (BAF), gestructureerde datasets die helpen om anomalieën te detecteren en zo bijdragen aan efficiëntere controles. De BAF kunnen een nog grotere meerwaarde krijgendoor meer kennisdeling binnen de AABBI en een nauwere samenwerking tussen dee-auditcellen van de AABBI, de Algemene Administratie van de Fiscaliteit en andere partners.
- Sinds 2018 wordt geen jaarlijkse evaluatie meer uitgevoerd van het gebruik vanbankgegevens door de fiscale administratie, hoewel dat wettelijk is voorgeschreven.
- In 2024 leverde de AABBI ongeveer 700 machtigingen voor bankonderzoeken af. Hetmerendeel daarvan kwam van de 5de Directie van de AABBI, actief in de bestrijding vanonder meer btw-carrousels en Braziliaanse fraudenetwerken. Ook de Directie Brussellevert een aanzienlijk aantal machtigingen, voornamelijk in dossiers metdomiciliefraude.
- De AABBI hanteert een KPI waarbij elke directie geacht wordt in minstens 10 % van haardossiers een bankonderzoek uit te voeren. Volgens de AABBI gaat het eerder om eenindicatief referentiepunt dan om een strikte norm. T
- Tussen 2015 en 2024 werd in dossiers waarin bankonderzoeken plaatsvonden voor2,3 miljard euro aan belastingen gevestigd. Slechts 36 miljoen euro daarvan werd effectiefgeïnd. Dat lage percentage wordt deels verklaard door de sterke focus op preventie,binnen de 5de Directie. Ondanks de beperkte inning beschouwt het Rekenhof dezerechtzettingen als een essentieel instrument in de aanpak van fiscale fraude.