
De inflatie volgens de Europees geharmoniseerde consumptieprijsindex (HICP)[1] bedraagt in juli 3,6% ten opzichte van 3,3% in juni en 4,0% in mei.
De inflatie volgens de geharmoniseerde consumptieprijsindex met constante belastingvoet (HICP-CT)[2] bedroeg 3,6% in juli tegenover 3,3% in juni.
De kerninflatie, die geen rekening houdt met de prijsevolutie van de energieproducten en de onbewerkte voedingsmiddelen, bedraagt in juli 2,8% tegenover 2,7% in juni en 2,9% in mei. De inflatie zonder energieproducten steeg in juli tot 2,7%, tegenover 2,5% in juni.
De inflatie voor voeding bedraagt deze maand 0,2%, tegenover -0,1% vorige maand. De inflatie van olie bedroeg deze maand -0,1% tegenover -0,8% in juni. Voor zuivelproducten bedroeg de inflatie -0,7% tegenover -1,4% vorige maand. De inflatie voor vis bedroeg deze maand 1,4% tegenover 2,2% in juni. Brood en granen hebben in juli een inflatie van 0,0%, een stijging ten opzichte van de -0,2% in juni. De inflatie van vlees bedroeg deze maand 0,2% ten opzichte van 0,6% in juni.
De bijdrage van energie tot de inflatie was negatief van januari 2023 tot februari 2024. Deze inflatie bedraagt nu 1,2%, een stijging ten opzichte van vorige maand (1,0%). Voeding, daarentegen, levert een bijdrage van 0,0%, zoals vorige maand.
Elektriciteit is nu 7,9% duurder dan een jaar geleden. Aardgas vertoont een inflatie van 10,3% ten opzichte van juli vorig jaar. De prijs van huisbrandolie is met 44,2% gestegen ten opzichte van vorig jaar.
De opsplitsing in de 13 hoofdgroepen toont aan dat de hoogste inflatie in juli gemeten werd voor ‘Huisvesting, water en energie’ (7,2%). De laagste inflatie werd gemeten voor de groep “Voeding en alcoholvrije dranken” (0,2%). De groep ‘Huisvesting, water en energie’ was met 0,6 procentpunt de belangrijkste groep met de grootste positieve impact op de inflatie in juli. De groep “Voeding en niet-alcoholische dranken” heeft de grootste negatieve impact uitgeoefend met -0,6 procentpunt.
Productgroep | Gewicht (‰) | Inflatie op jaarbasis (%) | Impact op inflatie (%-punt) | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
HICP | HICP-CT | ||||||||
mei/26 | jun/26 | jul/26 | jul/26 | mei/26 | jun/26 | jul/26 | |||
0 | Totaal bestedingen | 1.000,0 | 4,0 | 3,3 | 3,6 | 3,6 | |||
1 | Voedingsmiddelen en alcoholvrije dranken | 140,8 | 0,9 | -0,1 | 0,2 | 0,2 | -0,5 | -0,5 | -0,6 |
2 | Alcoholische dranken en tabak | 54,8 | 2,9 | 3,2 | 2,7 | 2,7 | -0,1 | -0,1 | -0,1 |
3 | Kleding en schoenen | 65,4 | 2,0 | 1,0 | 1,2 | 1,2 | -0,1 | -0,1 | -0,2 |
4 | Huisvesting, water en energie | 157,3 | 7,2 | 6,6 | 7,2 | 7,1 | 0,6 | 0,6 | 0,6 |
5 | Stoffering en huishoudelijke apparaten | 62,7 | 0,2 | -0,2 | 0,4 | 0,4 | -0,2 | -0,2 | -0,2 |
6 | Gezondheid | 100,6 | 3,5 | 3,6 | 2,8 | 2,8 | -0,1 | 0,0 | -0,1 |
7 | Vervoer | 111,0 | 8,5 | 6,1 | 7,2 | 7,0 | 0,6 | 0,6 | 0,4 |
8 | Informatie en communicatie | 42,0 | 1,6 | 1,4 | 1,2 | 1,2 | 0,0 | -0,1 | -0,1 |
9 | Recreatie, sport en cultuur | 96,3 | 5,1 | 5,4 | 6,7 | 6,7 | 0,0 | 0,1 | 0,3 |
10 | Onderwijs | 4,6 | 2,2 | 2,2 | 2,2 | 2,2 | 0,0 | 0,0 | 0,0 |
11 | Hotels, cafés en restaurants | 84,1 | 4,7 | 3,7 | 4,2 | 3,9 | 0,0 | 0,1 | 0,0 |
12 | Verzekeringen en financiële diensten | 28,5 | 2,0 | 2,0 | 2,7 | 2,7 | -0,1 | -0,1 | 0,0 |
13 | Lichaamsverzorging en overige diensten | 51,9 | 2,7 | 2,7 | 2,1 | 2,1 | -0,1 | -0,1 | -0,1 |
De globale HICP kan opgesplitst worden in vijf specifieke aggregaten, die samen de totale bestedingen vormen.
In juli bedroeg de kerninflatie (inflatie zonder energie en onbewerkte levensmiddelen) 2,8%. Dat is een lichte stijging ten opzichte van de 2,7% in juni. De gemiddelde kerninflatie van de laatste 12 maanden is gelijk aan 2,7%. Ten opzichte van de vorige maand daalden de prijzen van dit subaggregaat met 1,0%.
Inflatie volgens specifieke aggregaten
Specifieke aggregaten | Gewicht (‰) | Inflatie op jaarbasis (%) | 12 maandelijks gemiddelde (%) | Maandelijkse wijziging | ||
|---|---|---|---|---|---|---|
mei/26 | jun/26 | jul/26 | jul/26 | jul/26 | ||
Totaal bestedingen | 1.000,0 | 4,0 | 3,3 | 3,6 | 2,7 | -0,5 |
Energiedragers | 80,4 | 17,1 | 12,8 | 15,1 | 4,4 | 3,2 |
Bewerkte levensmiddelen | 149,3 | 1,5 | 1,2 | 1,1 | 1,8 | 0,5 |
Niet-bewerkte levensmiddelen | 46,3 | 1,4 | -0,5 | 0,2 | 1,8 | 0,6 |
Niet-energetische industriële goederen | 259,4 | 1,9 | 1,5 | 1,3 | 1,1 | -6,3 |
Diensten | 464,6 | 3,9 | 3,8 | 4,1 | 3,8 | 1,4 |
HICP zonder energie en onbewerkte levensmiddelen (kerninflatie) | 873,3 | 2,9 | 2,7 | 2,8 | 2,7 | -1,0 |
De grootste positieve impact op de inflatie wordt gerealiseerd door motorbrandstoffen met een impact van 0,38 procentpunt. Huisbrandolie heeft een positieve impact van 0,29 procentpunt. Pakketreizen hebben een positieve impact van 0,22 procentpunt. Geneesmiddelen hebben een positieve impact van 0,18 procentpunt. Tot slot heeft elektriciteit een positieve impact van 0,13 procentpunt.
Subindices met de grootste positieve impact op de inflatie
Subindex | Gewicht (‰) | Impact op inflatie (%-punt) | |
|---|---|---|---|
2026 | jul/26 | ||
07.2.2 | Motorbrandstoffen | 23,7 | 0,38 |
04.5.3 | Huisbrandolie | 6,9 | 0,29 |
09.8.0 | Pakketreizen | 16,8 | 0,22 |
06.1.1 | Geneesmiddelen | 13,8 | 0,18 |
04.5.1 | Elektriciteit | 31,1 | 0,13 |
De negatieve impact op de inflatie was het grootst voor vlees en kleding, met beide een impact van -0,12 procentpunt.
Subindices met de grootste negatieve impact op de inflatie
Subindex | Gewicht (‰) | Impact op inflatie (%-punt) | |
|---|---|---|---|
2026 | jul/26 | ||
01.1.2 | Vlees | 30,5 | -0,12 |
03.1.2 | Kleding | 48,3 | -0,12 |
Aangezien de definitieve HICP van onze buurlanden pas later wordt bekendgemaakt, kan er slechts een vergelijking gemaakt worden op basis van de eerste snelle inflatieraming van de HICP (HICP flash estimate) van juli. In België bedroeg deze inflatie 3,5% in juli, een stijging ten opzichte van de 3,3% in juni. Nederland tekende een inflatie op van 2,9% in juli, wat overeenkomt met een stijging ten opzichte van de 2,5% in juni. In Frankrijk bedroeg de inflatie in juli 2,4%; ze steeg daarmee ten opzichte van de 2,0% in juni. De eerste snelle inflatieraming van de HICP van juli voor Duitsland bedroeg 2,8%, een stijging ten opzichte van juni, toen de inflatie 2,4% bedroeg.
Aangezien Eurostat de geharmoniseerde consumptieprijsindexcijfers met constante belastingvoet voor juli nog niet publiceerde, is juni de recentste maand om mee te kunnen vergelijken. De inflatie op basis van de HICP-CT bedroeg in België in juni 3,3%; ze daalde daarmee ten opzichte van de 4,0% in mei. In juni bedroeg deze inflatie in Duitsland 3,0%. Dat is een daling ten opzichte van mei, toen de inflatie 3,3% bedroeg. De inflatie in Frankrijk is gedaald van 2,6% in mei tot 1,9% in juni. In Nederland daalde deze inflatie tot 2,0% in juni. In mei bedroeg ze 2,9%.
[1] Naast de nationale consumptieprijsindex (CPI) berekent Statbel ook een Europees geharmoniseerde consumptieprijsindex (Harmonised Index of Consumer Prices, HICP). De HICP maakt een vergelijking tussen het inflatiepeil van de lidstaten van de Europese Unie mogelijk. De toegepaste bestedingsoptiek en methoden zijn daartoe zo goed mogelijk gecoördineerd en in Europese regelgeving vastgelegd. De resultaten van de CPI en de HICP zijn niet gelijk. Dat komt vooral door een andere weging en samenstelling van het pakket goederen en diensten waarop deze indices zijn gebaseerd.
Tevens wordt de HICP gebruikt door de Europese Centrale Bank voor haar monetair beleid. Verder wordt de HICP gebruikt om te bepalen in hoeverre een lidstaat voldoet aan de inflatiecriteria bepaald in het Verdrag betreffende de Europese Unie.
Enkele verschilpunten tussen de HICP en de huidige CPI:
[2] De HICP-CT wordt op dezelfde wijze berekend als de gewone HICP. In deze index worden de prijzen echter berekend op basis van constante belastingtarieven. Deze index geeft dan ook de theoretisch potentiële impact weer van wijzigingen in de indirecte belastingtarieven (zoals de btw of accijnzen) op de gemeten inflatie. Het betreft hier echter een theoretische impact omdat verondersteld wordt dat de belastingwijzigingen meteen en volledig worden doorgerekend in de prijzen die door consumenten betaald worden.
[3] De inflatie op jaarbasis meet de prijswijziging tussen de huidige maand en dezelfde maand van het voorgaande jaar. Een 12-maandelijks gemiddelde vergelijkt de gemiddelde HICP van de laatste 12 maanden met het gemiddelde van de voorgaande 12 maanden. Een maandelijkse wijziging vergelijkt de prijsniveaus van de laatste twee maanden.
[4] De impact op de inflatie toont de wijziging van de inflatie door het integreren van de subindex in de HICP. De impact houdt niet alleen rekening met het gewicht van de subindex, maar ook of de inflatie van de subindex hoger of lager is dan deze van het geheel aan bestedingen (globale HICP).