
Het totaal aantal aangesloten zelfstandigen is met 28.169 toegenomen in één jaar tijd. Deze evolutie is zowel bij mannen als bij vrouwen te zien. Deze dynamiek in het ondernemerschap is eveneens te zien in de toename van het aantal starters, dat 5,14 % hoger ligt ten opzichte van 2024 (129.414 in 2025 tegenover 123.088 in 2024). Het begrip "starter" omvat de nieuwe aansluitingen, de hervattingen van activiteit en de ambtshalve aansluitingen.
In 2025 groeide het aantal zelfstandigen in hoofdberoep tot 820.978, met andere woorden een toename van 2,42 %. De vrouwen (+ 2,68 %) vertonen hierbij een sterkere proportionele toename dan de mannen (+ 2,29 %).
Het aantal zelfstandigen in bijberoep blijft eveneens groeien met 352.517 aangeslotenen, onder andere door een opvallende toename in het aantal vrouwen in bijberoep (+ 3,87 %).
Opvallend gegeven in 2025: voor het eerst in 22 jaar is het aantal zelfstandigen die actief zijn na de pensioenleeftijd afgenomen (- 1,40 %). Deze evolutie moet echter genuanceerd worden in het licht van de hervorming die in werking is getreden op 1 februari 2025, waarbij de wettelijke pensioenleeftijd werd opgetrokken naar 66 jaar. Deze maatregel heeft tot gevolg dat de zelfstandigen langer actief blijven in hoofdberoep of bijberoep.
De cijfers van 2025 bevestigen de vitaliteit van het zelfstandig ondernemerschap in België. Ondanks een veranderende context blijven zelfstandigen een essentiële motor van onze economie, met uiteenlopende dynamieken afhankelijk van de sector en het profiel. Het RSVZ blijft aandachtig voor deze evoluties om zijn dienstverlening aan te passen aan de realiteit op het terrein.
Anne Vanderstappen
administrateur-generaal van het RSVZ
Alle sectoren registreren een toename in 2025 met uitzondering van de primaire sector (- 0,85 %). De vrije beroepers bevestigen hun dominante positie en zetten hun groei voort (+ 3,47 %), gevolgd door de nijverheid en de dienstensector. De handel kent een meer gematigde groei, maar blijft qua volume de op één na grootste sector. De landbouw en de visserij daarentegen vertonen een lichte achteruitgang.
De gemiddelde netto belastbare inkomsten, die als basis dienen voor de berekening van de sociale bijdragen, zijn in 2025 gestegen. De gemiddelde referte-inkomsten van 2022 (die als basis dienen voor de berekening van de voorlopige bijdragen voor 2025) bedroegen namelijk 23.524,65 euro, wat neerkomt op een stijging van 4,10 %.
De verschillen tussen sectoren blijven aanzienlijk. De vrije beroepers behouden de hoogste gemiddelde inkomsten, ondanks een lichte daling ten opzichte van vorig jaar, gevolgd door de sector van de visserij die ook licht daalde. Andere sectoren zoals die van de landbouw, de diensten of de handel vertonen een opvallende stijging van inkomsten.
Op 31 december 2025 telde België 169.725 zelfstandigen van vreemde nationaliteit, met andere woorden + 2,35 % in één jaar tijd. Ze maken meer dan een kwart van de starters uit (28,30 %). De Roemeense, Franse en Nederlandse nationaliteiten blijven het meest vertegenwoordigd, met een significante toename van het aantal Roemeense en Franse starters.
Ook dit jaar stijgt het aantal zelfstandigen, in bijna alle categorieën. Die dynamiek toont aan dat het statuut aantrekkelijk is en blijft. Ik blijf evenwel stappen zetten om het nog aantrekkelijker te maken, onder meer door de sociale bescherming en de concurrentiekracht van onze ondernemingen te versterken. Dat is precies het doel van mijn kmo-plan, dat ik vorig jaar januari heb voorgesteld en waarvan al 18 % van de maatregelen is uitgevoerd: de uitbreiding van het moederschapsverlof voor zelfstandigen, maatregelen voor administratieve vereenvoudiging, een betere toegang van kmo’s tot overheidsopdrachten, de hervorming van het statuut van student-zelfstandige, en van het vrij aanvullend pensioen voor zelfstandigen…Eléonore Simonetminister van Middenstand, Zelfstandigen en KMO’s