« Skip That Shit »: een nieuw tempo voor het beroep van accountant en belastingadviseur?

Met de campagne « Skip That Shit » wil het ITAA het imago van het beroep van accountant en belastingadviseur afstoffen.

Een opvallend initiatief dat techno, digitale cultuur en een breuk met het klassieke discours combineert. Achter deze provocerende slogan schuilt een lovenswaardige ambitie: jongeren aanspreken die op zoek zijn naar zin, impact en vernieuwing.

Maar als het initiatief tot nadenken stemt en amuseert, hoe zit het dan met de échte impact?


Wat is het doel van deze campagne?

Het ITAA wil opnieuw de dialoog aangaan met jongeren en het beroep voorstellen in een vorm die aansluit bij hun verwachtingen.

Accountancy wordt te vaak gepercipieerd als stijf, saai of verouderd. Daardoor verliest het beroep aantrekkingskracht bij studenten.

Met « Skip That Shit » wil het Instituut duidelijk breken met dat cliché.

Een prikkelende slogan, een technotrack van Amber Broos, een flitsende presentatie… alle ingrediënten van Gen Z-marketing zijn aanwezig om aandacht te trekken.


Wat maakt deze campagne bijzonder?

De kracht van het project zit in de toon: verrassend onconventioneel voor een beroepsinstituut.

In plaats van een academisch discours, kiest het ITAA voor emotie en identificatie:

  • Een elektronische soundtrack die de evolutie van het beroep weerspiegelt: meer ritme, wendbaarheid en creativiteit;
  • Een meeslepende video waarin repetitie plaatsmaakt voor energie en beweging;
  • Een duidelijke boodschap: “de toekomst van accountancy krijgt een nieuw tempo”.

Volgens voorzitter Bart Van Coile illustreert deze verandering in sfeer de diepgaande transformatie van het beroep, dat vandaag meer draait rond advies, strategie en technologie.


Is dit in verhouding tot de echte uitdagingen?

Inhoudelijk is de boodschap terecht: het beroep evolueert, onder invloed van digitalisering, automatisering en artificiële intelligentie. Routinewerk neemt af, terwijl analyse, klantrelaties en strategische impact belangrijker worden.

Maar qua vorm is er een kloof tussen de radicaliteit van de boodschap en de dagelijkse realiteit in veel kantoren.

Het risico is dat er een discrepantie ontstaat tussen het geprojecteerde imago en de werkelijke ervaring van jonge professionals.

We wachten nog op een steviger en duurzamer plan om deze transformatie echt door te trekken op het terrein: curriculuminhoud, begeleiding van jongeren, maatschappelijke waardering, werk-privébalans, enz.

Kunnen we onze aantrekkelijkheid herstellen met één beat? Moeten we provoceren om te overtuigen?

Is het verstandig om verleden, heden en toekomst tegenover elkaar te zetten – zeker als heel wat kantoren nog ver verwijderd zijn van de beloofde toekomst?

Is dit een belofte of eerder minachting?


En nu?

Onze hoop is dat deze campagne geen puur marketingvuurwerk blijkt.

Jongeren aantrekken is één ding.

Hen overtuigen, vormen en aan boord houden is iets anders.

De realiteit verkopen, maar ook het ideaal tonen.

Het ITAA lijkt een nieuw ritme te willen aanzwengelen – maar dat mag niet aan de oppervlakte blijven.

De komende maanden zullen bepalend zijn: kadert dit in een bredere strategie om het beroep te versterken – niet alleen bij jongeren, maar ook bij werkgevers, docenten en beleid?

Het OECCBB biedt in elk geval, binnen zijn eigen vernieuwingsdynamiek, graag ondersteuning aan dit aantrekkingsproject.

De vraag is: zal het ITAA daar oren naar hebben?

Mots clés