
De hieronder opgenomen verduidelijkingen zijn opgesteld op basis van het ontwerp van het koninklijk besluit zoals het ter ondertekening aan de Koning werd voorgelegd. Dit koninklijk besluit is nog niet gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad, maar gelet op de inwerkingtreding van de tekst (1 maart 2026) en om de betrokken personen in staat te stellen zo snel mogelijk de nodige stappen te ondernemen om aan de bepalingen ervan te voldoen, is uitzonderlijk beslist om deze FAQ openbaar te maken vóór de publicatie van het bovenvermelde koninklijk besluit in het Belgisch Staatsblad. De inhoud van deze FAQ geldt uiteraard onder voorbehoud van de afkondiging van het voormelde koninklijk besluit.
Voor diensten van het verschaffen van gemeubeld logies (categorie 1) en de terbeschikkingstelling van plaats om te kamperen (categorie 2) verhoogt het btw-tarief van 6 % naar 12 %.
Het nieuwe tarief zal van toepassing zijn vanaf 01.03.2026 (zie evenwel FAQ nrs. 15 en 23).
Overeenkomstig de ontwerpteksten wordt rubriek XXX van tabel A van de bijlage bij KB nr. 20 ongewijzigd overgeheveld naar de nieuwe rubriek IV van tabel B van de bijlage bij KB nr. 20.
Ja, het btw-tarief voor de diensten van het verschaffen van gemeubeld logies met of zonder ontbijt (categorie 1) en de terbeschikkingstelling van plaats om te kamperen (categorie 2) wordt vanaf dan verhoogd van 6 % naar 12 %. Er wordt opgemerkt dat de maatregel enkel de verhoging van het btw-tarief van 6 % naar 12 % voor de beoogde handelingen van belaste logies bedoelt.
Er is geen impact op de bepalingen zelf: hetgeen vóór 01.03.2026 onder voormelde rubriek XXX viel als 'handelingen inzake belaste logies' valt vanaf die datum ook als 'handelingen inzake belaste logies' onder voormelde nieuwe rubriek IV.
Die bepalingen worden uitgebreid besproken in de Btw-commentaar, Boekwerk II, Hoofdstuk 7 Tarieven van de belasting, Afdeling 4, 7. Hotels, camping, versie 01.11.2025 en circulaire 2022/C/119 van 29.12.2022 met betrekking tot het verschaffen van gemeubeld logies aan betalende gasten in hotels, motels en inrichtingen met een soortgelijke functie.
Dit betekent dat de bestaande administratieve commentaren (antwoorden op parlementaire vragen, circulaires, btw-beslissingen, btw-commentaar) van toepassing blijven, met dien verstande dat telkens het tarief '6 %' wordt vermeld, in de regel, '12 %' moet worden gelezen.
De btw-commentaar inzake btw-tarieven wordt zo snel mogelijk bijgewerkt.
Nee, 'handelingen inzake vrijgestelde logies' vóór 01.03.2026 blijven ook 'handelingen inzake vrijgestelde logies' vanaf die datum (zie FAQ nr. 6).
De tariefverhoging heeft uiteraard geen impact op de terbeschikkingstelling van een gemeubeld logies die vrijgesteld is van btw. Volgende tabel vat de mogelijke gevallen van belastingheffing en vrijstelling samen.
Het btw-regime dat van toepassing is op het verstrekken van gemeubeld logies aan betalende gasten kan bepaald worden aan de hand van onderstaand schema.
Wanneer is het verstrekken van gemeubeld logies | |||||||
Hotels, motels | Inrichtingen met een soortgelijke functie | ||||||
Verblijfsduur | Verblijfsduur | ||||||
< 3 maanden | ≥ 3 maanden | < 3 maanden | ≥ 3 maanden | ||||
| 'Gewoonlijke' verblijfsduur in de inrichting |
| |||||
< 3 maanden | ≥ 3 maanden |
| |||||
Samenhangende diensten? (fysiek onthaal van de gasten, huishoudlinnen, dagelijks ontbijt) |
| ||||||
Minstens 1 dienst | Geen dienst | ||||||
Belast | Vrijgesteld | Belast | Vrijgesteld | Vrijgesteld | Vrijgesteld | ||
Meer inlichtingen over deze regelgeving zie circulaire 2022/C/119 van 29.12.2022 met betrekking tot het verschaffen van gemeubeld logies aan betalende gasten in hotels, motels en inrichtingen met een soortgelijke functie.
Ja in geval het gemeubeld logies betreft belastbaar in de zin van FAQ nr. 6.
Nee, dergelijke verblijven worden niet bedoeld in de nieuwe rubriek IV van tabel B (net zoals vóór 01.03.2026 niet bedoeld werden in de rubriek XXX).
Met de terbeschikkingstelling van plaats om te kamperen wordt bedoeld de terbeschikkingstelling van elk terrein dat wordt gebruikt voor het kamperen en waarop tenten, caravans en dergelijke verblijven worden geplaatst.
Wordt niet bedoeld met de terbeschikkingstelling van plaats om te kamperen:
Of een accommodatie onroerend is (eerste streepje) dan wel roerend (tweede streepje) is een feitenkwestie; afhankelijk van de context moet dit geval per geval geanalyseerd worden en afhankelijk van de omstandigheden van de feitelijk situatie kan een stacaravan bijvoorbeeld in de eerste of tweede streepje ondergebracht worden.
Het louter ter beschikking stellen van een plaats om een voertuig te parkeren wordt evenmin bedoeld.
Of een verblijfs- of toeristenbelasting al dan niet deel uitmaakt van de maatstaf van heffing van de dienst inzake het verschaffen van gemeubeld logies en de terbeschikkingstelling van plaats om te kamperen hangt af van wie de schuldenaar van die belasting is overeenkomstig het toepasselijk gemeentelijk belastingreglement.
Wanneer de exploitant schuldenaar is van deze belasting en hij die doorrekent aan zijn klant, dan maakt dat bedrag deel uit van de maatstaf van heffing van de hoteldienst en is die belasting bijgevolg vanaf 01.03.2026 onderworpen aan 12 %.
Wanneer daarentegen de klant van de exploitant de schuldenaar is van deze belasting en de hoteluitbater deze belasting voor het juiste bedrag doorrekent aan de klant, dan wordt deze doorrekening aangemerkt als een voorschot in de zin van artikel 28, 5°, van het Btw-Wetboek. In dat geval is er geen btw van toepassing op het bedrag van de gemeentelijke verblijfs- of toeristenbelasting.
Dezelfde principes gelden ook indien een hogere overheid een dergelijke belasting oplegt.
De loutere verhoging van het btw-tarief wijzigt niets aan deze geldende principes.
Eerst moet worden bepaald of de overnachting vrijgesteld wordt van btw of niet (zie FAQ nr. 6). Indien vrijgesteld dan heeft de tariefverhoging geen impact. Indien belast dan stijgt het btw-tarief van 6 % naar 12 %.
De draagwijdte van de vrijstelling wijzigt niet.
Bijgevolg zal de verhuur van een vakantiewoning zonder bijkomende diensten, zoals voorheen, vrijgesteld zijn.
Eerst moet worden bepaald of de overnachting vrijgesteld wordt van btw of niet (zie FAQ nr. 6). Indien vrijgesteld dan heeft de tariefverhoging geen impact. Indien belast dan stijgt het btw-tarief van 6 % naar 12 %.
De draagwijdte van de vrijstelling wijzigt niet.
Bijgevolg zal de verhuur van een bungalow op een camping met receptie, zoals voorheen, belast zijn en onderhevig zijn aan de tariefwijziging.
De regelgeving tot en met 28.02.2026 wordt uitgebreid besproken in de Btw-commentaar, Boekwerk II, Hoofdstuk 7 Tarieven van de belasting, Afdeling 4, 7. Hotels, camping, versie 01.11.2025 en in circulaire 2022/C/119 van 29.12.2022 met betrekking tot het verschaffen van gemeubeld logies aan betalende gasten in hotels, motels en inrichtingen met een soortgelijke functie.
Er zal ook een circulaire worden gepubliceerd in verband met deze nieuwe maatregel.
Praktische voorbeelden categorie 1 (FAQ nr.1)
Inzake btw wordt het toepasselijk btw-tarief in de regel bepaald op het tijdstip van opeisbaarheid van de belasting. De gebruikelijke en gekende regels zijn van toepassing (zie de artikelen 22 en 22bis van het Btw-Wetboek).
De heer Minister heeft echter beslist een overgangsregeling in te voeren voor het verstrekken van gemeubeld logies en het ter beschikking stellen van een plaats om te kamperen.
Die overgangsregeling houdt in dat voor reservaties die gebeuren uiterlijk op 28.02.2026 (voor de inwerkingtreding van het nieuwe btw-tarief dus) het btw-tarief van 6 % van toepassing blijft, voor zover de btw over die reservaties opeisbaar wordt uiterlijk op 30.06.2026.
Deze overgangsmaatregel is bijgevolg niet van toepassing:
-voor reservaties voor verblijven die worden geboekt op 01.03.2026 of later
-voor reservaties voor verblijven die worden geboekt ten laatste op 28.02.2026 maar waarvoor de btw opeisbaar wordt (doorgaans ingevolge een betaling of het uitreiken van een factuur) op 01.07.2026 of later.
De exploitant moet het tijdstip van de reservatie tot voldoening van de administratie kunnen aantonen (vb. bevestigingsmail, betaling voorschot, etc.).
Een omstandige toelichting bij de opeisbaarheidsregels vindt u terug in de administratieve commentaar daaromtrent opgenomen in de circulaire 2019/C/65 van 09.07.2019 inzake de opeisbaarheid van btw (nr. E.T.128.969/3).
Aangezien de btw over het voorschot opeisbaar wordt op 28.02.2026, dus voor de inwerkingtreding van het nieuwe btw-tarief, is op het bedrag van 30 euro sowieso nog het tarief van 6 % van toepassing.
Wanneer op het einde van het verblijf (03.05.2026) het saldo wordt betaald en de btw opeisbaar wordt over 70 euro zou in principe (volgens de wettelijke regels) het tarief van 12 % van toepassing zijn. Gelet evenwel op de reservatiedatum (15.02.2026) die zich situeert voor 01.03.2026 is een overgangsmaatregel (zie FAQ nr. 15) van toepassing en kan ook het saldo onderworpen worden aan het tarief van 6 %.
Aangezien de btw over het voorschot opeisbaar wordt op 28.02.2026, dus voor de inwerkingtreding van het nieuwe btw-tarief, is op het bedrag van 30 euro sowieso nog het tarief van 6 % van toepassing.
Wanneer op het einde van het verblijf (03.10.2026) het saldo wordt betaald en de btw opeisbaar wordt over 70 euro is volgens de wettelijke regels het tarief van 12 % van toepassing. Niettegenstaande de reservatiedatum (15.02.2026) zich situeert voor 01.03.2026 is de overgangsmaatregel (zie FAQ nr. 15) niet van toepassing, aangezien de btw opeisbaar wordt na 01.07.2026. Het saldo is dan onderworpen aan het tarief van 12 %.
Aangezien de btw over het voorschot opeisbaar wordt op 15.03.2026, dus na de inwerkingtreding van het nieuwe btw-tarief, is op het bedrag van 30 euro sowieso het tarief van 12 % van toepassing. Ook het saldo dat wordt betaald op het einde van het verblijf is onderworpen aan het tarief van 12 %.
In dat geval worden de bijkomende diensten in de regel aangemerkt als een bijzaak bij de hoofddienst. De volledige prestatie zal na de tariefverhoging onderworpen zijn aan het tarief van 12 % tenzij de overgangsmaatregel van toepassing is (zie Faq 15). In dit geval moeten de bijkomende diensten ook voldoen aan de voorwaarden voor de toepassing van deze overgangsmaatregel.
Zoals reeds voorheen het geval was, wordt het verbruiken van spijzen en dranken uit de minibar aangemerkt als een restaurantdienst.
Het tarief wordt bepaald overeenkomstig de bepalingen van rubriek I, van tabel B, van de bijlage bij KB nr. 20.
Het ontbijt dat de hotelgast nuttigt ter plaatse is onderworpen aan het tarief van 12 %.
Praktische voorbeelden categorie 2 (FAQ nr. 1)
Inzake btw wordt het toepasselijk btw-tarief in de regel bepaald op het tijdstip van opeisbaarheid van de belasting. De gebruikelijke en gekende regels zijn van toepassing (zie de artikelen 22 en 22bis van het Btw-Wetboek).
De heer Minister heeft echter beslist een overgangsregeling in te voeren voor het verstrekken van gemeubeld logies en het ter beschikking stellen van een plaats om te kamperen.
Die overgangsregeling houdt in dat voor reservaties die gebeuren uiterlijk op 28.02.2026 (voor de inwerkingtreding van het nieuwe btw-tarief dus) het btw-tarief van 6 % van toepassing blijft, voor zover de btw over die reservaties opeisbaar wordt uiterlijk op 30.06.2026.
Deze overgangsmaatregel is bijgevolg niet van toepassing:
Een omstandige toelichting bij de opeisbaarheidsregels vindt u terug in de administratieve commentaar daaromtrent opgenomen in de circulaire 2019/C/65 van 09.07.2019 inzake de opeisbaarheid van btw (nr. E.T.128.969/3).
We verwijzen naar de voorbeelden onder FAQ nrs. 16 tot en met 18 die mutatis mutandis van toepassing zijn op het verstrekken van een kampeerplaats.
De levering van elektriciteit, water, gas en wifi wordt in het kader van de prestatie die erin bestaat een kampeerplaats ter beschikking te stellen beschouwd als bijzaak bij die prestatie.
Ingeval de hoofdprestatie belastbaar is, is de bijzaak na de tariefverhoging eveneens belastbaar aan 12 % tenzij de overgangsmaatregel van toepassing is (zie Faq 23). In dit geval moeten de bijkomende diensten ook voldoen aan de voorwaarden voor de toepassing van deze overgangsmaatregel.
Wanneer de afnemer een particulier is, zijnde een natuurlijke persoon die zijn aankoop bestemt voor zijn privégebruik, is de exploitant die gewoonlijk diensten verricht voor dergelijke particuliere afnemers, niet verplicht een factuur uit te reiken.
De uitreiking van een factuur die niet wettelijk verplicht is, vormt geen oorzaak van opeisbaarheid van de belasting. Het incasseringstelsel is van toepassing (artikel 22bis, § 3, van het Btw-Wetboek). De btw is dus verschuldigd op het moment dat de klant betaalt.
Niettemin aanvaardt de administratie, uit praktische overweging, dat ingeval van vrijwillige facturatie en met betrekking tot de gefactureerde sommen die nog niet betaald zijn, de dienstverrichter rekening houdt met de datum van uitreiking van de factuur mits deze tolerantie systematisch wordt toegepast op alle vrijwillig uitgereikte facturen met betrekking tot onbetaalde sommen.
Deze tolerantie geldt enkel in de relatie met een particulier. De btw wordt ofwel opeisbaar op de datum van ontvangst van de betaling, ofwel op de datum van uitreiking van de factuur die betrekking heeft op een bedrag dat nog niet werd betaald, al naargelang het feit dat het eerst voorvalt.
Wanneer de belasting overeenkomstig voorgaande regels opeisbaar wordt uiterlijk op 28.02.2026 is het tarief van 6 % van toepassing.
Indien de btw na die datum opeisbaar wordt is in principe het tarief van 12 % van toepassing. De administratie aanvaardt evenwel dat voor de facturen uitgereikt uiterlijk op 28.02.2026 het btw-tarief van 6 % wordt toegepast, ongeacht het tijdstip waarop de btw daadwerkelijk opeisbaar wordt.
De terbeschikkingstelling van de op een kampeerterrein opgerichte onroerende goederen, zoals bungalows, wordt voor het geheel aangemerkt als een onroerende verhuur die bedoeld is in artikel 18, § 1, tweede lid, 4°, van het Btw-Wetboek maar die in de regel overeenkomstig artikel 44, § 3, 2°, van het Btw-Wetboek vrijgesteld is.
De tariefverhoging heeft wel impact wanneer de terbeschikkingstelling kan worden aangemerkt als het verschaffen van gemeubeld logies in de zin van artikel 18, § 1, tweede lid, 10°, van het Btw-Wetboek en belast dient te worden op grond van artikel 44, § 3, 2°, a), derde streepje, van het Btw-Wetboek (zie FAQ nr. 6).
De administratie aanvaardt dat de door middel van automaten verstrekte spijzen en dranken voor de toepassing van de btw-tarieven zonder onderscheid geacht worden het voorwerp uit te maken van een eenvoudige levering, ongeacht dus de plaats waar de automaten staan (zie schriftelijke parlementaire vraag nr. 654 van mevrouw Volksvertegenwoordiger Veerle Wouters van 10.12.2012).