
De voorbije jaren hebben cryptoactiva zich ontwikkeld tot een volwaardige activaklasse. Ze kunnen worden aangehouden en verhandeld zonder tussenkomst van traditionele bancaire kanalen, wat tot op heden de zichtbaarheid bij de belastingautoriteiten heeft beperkt.
De Europese wetgever, gevolgd door de Belgische wetgever via dit wetsontwerp, vertrekt vanuit verschillende vaststellingen:
– de bestaande mechanismen voor automatische uitwisseling van informatie hebben geen betrekking op cryptoactiva;
– cryptoplatformen beschikken over cruciale informatie over hun gebruikers en transacties;
– het ontbreken van een geharmoniseerd kader ondermijnt de doeltreffendheid van de belastingheffing en creëert verschillen tussen Lidstaten.
Het wetsontwerp beoogt dan ook de fiscaliteit van cryptoactiva op het vlak van transparantie af te stemmen op die van andere financiële instrumenten, zonder een autonoom specifiek fiscaal regime te creëren.
Het wetsontwerp zet een mechanisme om dat geïnspireerd is op het systeem dat reeds bestaat voor bankrekeningen.
Het verplicht aanbieders van cryptoactivadiensten, zoals handelsplatformen en tussenpersonen, om:
– hun gebruikers te identificeren (KYC);
– hun fiscale woonplaats vast te stellen;
– bepaalde gegevens over transacties in cryptoactiva te verzamelen;
– deze informatie over te maken aan de Belgische belastingadministratie.
Wanneer de belegger Belgisch fiscaal inwoner, zal deze informatie vervolgens automatisch worden uitgewisseld met de Belgische belastingadministratie.
Voor de belastingplichtige betekent dit een structurele verandering: de informatie vloeit niet langer uitsluitend voort uit de eigen aangifte, maar ook uit gegevens afkomstig van derden.
Indien het wetsontwerp wordt aangenomen, zal de Belgische fiscus beschikken over een nieuwe gecentraliseerde informatiebron met betrekking tot crypto-investeringen.
Deze informatiebron zal onder meer toelaten om:
– het bestaan van cryptoportefeuilles of -rekeningen en hun omvang vast te stellen;
– deze rekeningen te koppelen aan welbepaalde natuurlijke personen of rechtspersonen;
– indicaties te verkrijgen over bepaalde significante verrichtingen.
Deze informatie kan worden gebruikt om gegevens uit fiscale aangiften te verifiëren en controles gerichter in te zetten.
Een gerichte versterking van de controlebevoegdheden
Het wetsontwerp voorziet ook in een specifieke wettelijke basis die de belastingadministratie toelaat om cryptoaanbieders zelf te controleren.
Het doel is niet om hun eigen fiscale situatie te onderzoeken, maar om na te gaan of zij hun verplichtingen inzake gegevensverzameling en -doorgifte correct naleven.
Deze controle is afgebakend en moet proportioneel blijven ten opzichte van deze welomschreven doelstelling.
Voor investeerders zijn de praktische gevolgen aanzienlijk:
– het aanhouden en verhandelen van cryptoactiva wordt veel beter traceerbaar;
– het detectierisico bij vergetelheden of fouten in de aangifte neemt toe;
– het argument dat cryptoactiva onzichtbaar zouden zijn voor de fiscus verliest geleidelijk aan zijn relevantie.
Het is evenwel belangrijk te benadrukken dat het wetsontwerp de bestaande fiscale kwalificatieregels voor cryptoactiva (normaal beheer / diverse inkomsten) niet rechtstreeks wijzigt. Het versterkt voornamelijk de mogelijkheid van de fiscale administratie om de bestaande regels toe te passen.
Het wetsontwerp voert geen nieuwe specifieke belasting op cryptoactiva in.
Wel stelt het de fiscus in staat om belastbare meerwaarden uit crypto activa beter te identificeren.
In de praktijk gaat het minder om een nieuw heffingsrecht dan om een versterkte controle- en kwalificatiebevoegdheid.
De tekst die momenteel bij de Kamer is ingediend, moet de volledige parlementaire procedure nog doorlopen.
Onder voorbehoud van definitieve goedkeuring en publicatie wordt de inwerkingtreding verwacht in de loop van 2026, met een eerste gegevensverzameling en -uitwisseling die betrekking heeft op het voorgaande jaar.